|
Poldermodel versus hiërarchie in Almería
Groenten & Fruit, week 8, 2004
Een Nederlandse teler die zijn geluk beproeft in Almería loopt een lichte
cultuurschok op. De directheid waar Nederlanders zo vertrouwd mee zijn, wordt door Spaanse collega’s vaak als onbeschoft
ervaren. Het Nederlandse poldermodel strookt niet met het keurslijf van de Spaanse hiërarchie.
Er zijn forse culturele verschillen tussen Nederlandse en Spaanse
telers op het gebied van bedrijfsvoering, communicatie en machtsverhoudingen. “De mentaliteit is anders”, zegt
een Nederlandse teler. “Als Hollandse ondernemer proberen we altijd tot het uiterste te gaan. De mensen hier zijn al
tevreden met een stukje rendement. Wij dwingen hen als het ware om aan de slag te gaan.” Nederlandse telers roemen hun
Spaanse collega’s om hun kennis van de lokale markt. Ze beschikken over korte afzetlijnen en hebben goede relaties met
hun afnemers. Een Spaanse teler in Nederlandse dienst moest op zijn beurt wennen aan de Nederlandse manier van werken.
“Het eerste jaar is erg moeilijk geweest. De cultuurverschillen waren heel groot en ik wist weinig van een glazen kas.
Ik heb die kennis moeten vergaren door zelf in de kas te werken en via Nederlandse telers. Ik denk dat het drie jaar kost
voordat je het allemaal door hebt.” Nederlandse telers krijgen van hun Spaanse collega’s veel respect vanwege
hun teelttechnische kennis en hun efficiënte manier van bedrijfsvoeren. Wat echter weinig krediet oplevert is hun inflexibiliteit.
Veel moet nog op hun specifieke manier gebeuren.
Dictatuur Spaanse
bedrijven kennen een sterk hiërarchische manier van werken. “In een Spaans bedrijf praat een baas niet met mij”,
aldus een Spaanse bedrijfsleider. “In Nederland denkt de baas zelf, maar vraagt hij ook vaak naar onze mening.”
Spaanse telers zetten zich duidelijk op een hogere positie dan hun werknemers, terwijl Nederlandse telers meer in teamverband
werken en hun Spaanse bedrijfsleiders en partners vragen naar hun mening en suggesties. Dit verschil is te verklaren door
de turbulente geschiedenis van Spanje. Tot 1976 is Spanje onder Franco een dictatuur geweest waarin geen ruimte was voor eigen
keuzes en initiatieven. Spanjaarden zijn niet anders gewend dan een sterke hiërarchie in het bedrijfsleven en ze accepteren
die dan ook. Een Nederlander is gewend zijn ideeën te toetsen bij anderen om ze vervolgens uit te voeren. Het arbeidsethos
van hard werken, kritisch zijn naar jezelf en naar anderen, en de ‘eigen broek ophouden’ van de Westlandse telers
kan onder andere teruggevoerd worden op de streng calvinistische arbeidssfeer van Nederland. Bovendien is in het Nederlandse
‘poldermodel’ samenwerking gebaseerd is op consensus.
Bruggen slaan Communicatie
verloopt ook heel anders in Spanje. Nederlanders communiceren ‘recht voor zijn raap’. Ze zijn niet bang om
kritiek te geven en te ontvangen. Een Spanjaard is dat niet gewend en
wordt boos of voelt zich aangevallen. De communicatie van de Spaanse telers is gebaseerd op non-verbale communicatie, informaliteit
en vertrouwen. Binnen de Spaanse tuinbouwsector worden zaken gedaan op basis van ‘compromisos’, afspraken. Een
Spaanse teler kiest voor samenwerking met een bedrijf dat hij kent. “Je moet bij een Spanjaard vertrouwen verdienen.
Dat krijg je niet op een presenteerblaadje, maar dat lukt pas in de loop van een paar jaar”, waarschuwt een Nederlandse
teler. “Het is van belang dat je over een groot netwerk beschikt.” Bijna alle Nederlandse telers hebben óf
een lokale partner, óf Spaanse bedrijfsleiders, óf werken met een professionele Spaanse tussenpersoon. Met een Spaanse partner
of collega wordt een brug geslagen naar de Spaanse gebruiken in de tuinbouw, de lokale markt en omgeving. Het opbouwen van
relaties met gemeente, subsidiegevers, andere ondernemers, lokale bestuurders kost zeer veel tijd, maar de investering daarin
blijkt noodzakelijk. “Als de omgeving je niet accepteert, kan dat je tegenwerken bij het verkrijgen van vergunningen.”
Cultuurschok voorkomen Inzicht
hebben in en gebruiken van culturele verschillen tussen Nederlandse en Spaanse telers kan een grote succesfactor zijn in een
samenwerkingsverband. Je voorkomt een cultuurschok en kan anticiperen op eventuele conflicten. Nederlandse en Spaanse telers
en toeleveranciers geven een aantal adviezen hiervoor. (kader) Ondanks dat jaarrond leveren sinds assimilatiebelichting
ook in Nederland mogelijk is, geven de Nederlandse telers aan dat ze veel voldoening halen uit hun investering in Spanje.
“Het klimaat en het leven als pionier is heerlijk in Spanje. Je hebt hier veel meer ruimte, niet alleen in fysieke zin,
maar ook omdat hier minder regels zijn. De stap om iets te beginnen is veel kleiner dan in Nederland.”
Baas beslist Wim
Grootscholte neemt in het paprikabedrijf Natural Growers de teelt voor zijn rekening. Het bedrijf in Cabo de Gata heeft 10
hectare glazen kassen. Grootscholte zit in diverse samenwerkingsverbanden met Spaanse telers. “Spanjaarden interpreteren
de zaken heel anders, vooral op teelttechnisch gebied”, vertelt Grootscholte. “Toen ik mijn Spaanse bedrijfsleider
een keer vroeg om bij een storing meteen naar de ketel te lopen, stond hij tweeëneenhalf uur later eindelijk bij die ketel.
Voor een Spaanse teler is een verwarming niet noodzakelijk, dus is dit voor hem geen prioriteit.” Ook aan de strikt
hiërarchische manier van werken moest Grootscholte wennen. “Verantwoordelijkheid nemen is niet gebruikelijk voor Spaanse
werknemers, de baas neemt alle beslissingen. Het vormen van een team en het opstarten van een discussie is daarom erg moeilijk
hier.”
Tips voor spaans succes;
Wel doen:
-
De Spaanse taal spreken. Dit schept naast betere communicatie meer begrip voor Spaanse activiteiten
en cultuur.
-
Geduld en tijd nemen. Bijvoorbeeld een week langsgaan in plaats van twee dagen.
-
Partnerschap aangaan of nauwe contacten hebben met lokale Spaanse tuinbouwondernemer. Bij strategische
alliantie professioneel tussenpersoon aannemen.
-
Cultuurverschillen niet alleen erkennen, ook in de dagelijkse praktijk meenemen en gebruiken.
-
Open blik hebben en flexibel zijn.
-
Het gebied aftasten, een paar keer bezoeken, sfeer bepalen, daarna kijken of investeren interessant
is.
Niet doen:
-
Denken dat de Nederlandse tuinbouwtechnieken passen in een Spaanse situatie omdat Nederlandse
technieken geavanceerd zijn.
-
Te snel resultaat willen zien, ongeduldig zijn creëert frustraties die slecht zijn voor de werksfeer.
-
Eigen ideeën doordrukken, arrogantie tonen. Het idee hebben dat ‘wij toch het beste zijn’.
-
Geen rekening houden met interpretatieverschillen in technische communicatieprocessen.
-
Algemene doel uit het oog verliezen, focussen op details.
- Machtsverhoudingen bepalen door verschil in kennisniveau.
|